zaterdag 31 januari 2026← VorigeVolgende →
Lees Romeinen 8:15-30
En als wij kinderen zijn, dan zijn wij ook erfgenamen: erfgenamen van God en mede-erfgenamen van Christus; wanneer wij althans met Hem lijden, opdat wij ook met Hem verheerlijkt worden.Romeinen 8:17
Een Koningskind van de Allerhoogste
Willemieke Fritzsch-van Belle
Een koningskind
Willemieke Fritzsch-van Belle
De afgelopen dagen hebben we geleerd en gelezen wat het betekent als Jezus Koning in je leven is. We begonnen deze week met het gedicht dat Corrie ten Boom geschreven heeft.
Hier op aarde in ons leven met alles wat ons bezighoudt, wat ons overkomt kunnen we zo in de knoop raken. Er is geen touw aan vast te knopen en de vragen stapelen zich op. Wat is het doel van mijn leven, heeft God daadwerkelijk een plan? Bestaat Hij wel als er zoveel oorlog en armoede is. Als er zoveel mensen lijden. Waarom overkomt mij dit? Hoe wordt ik gelukkig?
Ik werk zo hard maar wat heeft het voor zin, ik raak alleen maar meer uitgeput. Ik voel me afgewezen door mijn kinderen, en daarom doe ik altijd mijn best een leuke en goede vader te zijn, maar het maakt me zo onzeker.
Wat een puinhoop kan het leven soms lijken. Net als de zwarte draden die je op de achterkant van het boorduurwerk ziet en die je zo kunnen benauwen. Of de wir war aan draden, je weet niet waar ze vandaan komen of waar ze naartoe gaan.
Lief mens, door de woorden uit de Bijbel, het levende woord krijgen wij glimpen te zien van de bovenkant van het borduurwerk. Het is een kroon, je bent een erfgenaam van de Allerhoogste Koning, een Koningskind! Dat is wie je bent. Dat is waarom je op de aarde bent, en leeft in deze gebroken tussentijd. Maar eens wordt alles nieuw, en zullen we met Hem verheerlijkt worden!
Dit is het begin van de overdenking van vandaag. Als lid lees je hem helemaal, schrijf je op wat je eruit meeneemt, en praat je mee onder de tekst.