dinsdag 19 mei 2026← VorigeVolgende →
Lees Johannes 19:17-30
Toen nu Jezus Zijn moeder zag en de discipel die Hij liefhad, bij haar zag staan, zei Hij tegen Zijn moeder: Vrouw, zie, uw zoon. Daarna zei Hij tegen de discipel: Zie, uw moeder. En vanaf dat moment nam de discipel haar in zijn huis.Johannes 19:26-27
Jezus geeft overvloedig
Kees Postma
Jezus ziet naar ons om
Kees Postma
Slechts een paar van hen blijven bij het kruis aan Zijn voeten staan. Een van hen is Johannes die zichzelf in het evangelie naar Johannes, de apostel die Jezus liefhad noemt. Daarmee wijst hij niet op zijn liefde voor Jezus, maar naar Jezus’ grote liefde voor hem. Johannes wist dat Hij Jezus slechts lief kon hebben, omdat Jezus Hem eerst lief had gehad. Zo werkt het nog steeds.
Terwijl Hij bloedend aan het kruis hangt, kijkt Jezus naar beneden; Hij zoekt de blik van Johannes. Hij wil hem een specifieke opdracht meegeven. Naast Johannes staat namelijk Zijn eigen moeder Maria, die als tiener zwanger werd zonder dat ze getrouwd was. Maria, die Hem had gezocht toen Hij op twaalfjarige leeftijd drie dagen lang zoek was.
Maar zelfs nu heeft haar Zoon nog oog voor haar: ‘Toen nu Jezus [Zijn] moeder zag en de discipel die Hij liefhad, bij haar [zag] staan, zei Hij tegen Zijn moeder: Vrouw, zie, uw zoon. Daarna zei Hij tegen de discipel: Zie, uw moeder. En vanaf dat moment nam de discipel haar in zijn [huis]’ (Joh. 19: 26-27).
Jezus troost Maria. Hij heeft geen moeder meer nodig, maar Zijn moeder heeft wel een zoon nodig. Johannes heeft drie jaar lang in Jezus gezien hoe je voor iemand hoort te zorgen. Hoe je iemand hartstochtelijk lief moet hebben. Hij besluit haar in huis te nemen, haar als zijn eigen moeder te eren. Reken maar dat het haar aan niks ontbrak.
Dit is het begin van de overdenking van vandaag. Als lid lees je hem helemaal, schrijf je op wat je eruit meeneemt, en praat je mee onder de tekst.